SCHAAPJES, TRAANTJES EN KERST

Gek, hoor. Het was eerst zo leuk vanmiddag. De papa en mama zetten alle spulletjes in de auto en op het allerlaatst ook mij en Teije. Want het is Kerst vandaag. Dan is het altijd feest omdat er een hele poos geleden een lief baby’tje is geboren en dat gingen we bij opa en omi samen vieren.
‘Je weet wel, vriendje,’ fluisterde ik in zijn oortje. ‘Omi zingt altijd voor je.’ Blije Teije lachte. Hij wist het heus wel. ‘En met Kerst zijn er heel speciale liedjes.’ Dat was een nieuwtje voor hem. Hij kraaide ervan.
Maar nu zijn we er en wat denk je? Ik lig al een hele poos alleen in de kinderwagen. En ik heb dan wel een krullerig vachtje, zonder dekentje is het best een beetje koud. Maar dat is niet wat me zo verdrietig maakt. Ik hoor ze plezier hebben: opa, omi, de papa en de mamma. Zelfs lieve Pietje en ome Hid. Ze zijn er allemaal! Ze kletsen en lachen. Ze zijn blij. Maar zonder mij, zonder Teije’s Japie het schapie.

Als ik heel erg mijn best doe, kan ik net over de rand van de kinderwagen kijken. In de hoek van de kamer zie ik prachtige lampjes flonkeren. Er liggen een heleboel schaapjes in de sneeuw. Oei, denk ik, dat is nog kouder dan in een kinderwagen zonder dekentje. Maar dan zie ik dat het namaaksneeuw is. Het zijn lekker pluizige wattenbolletjes. Misschien wel net zo zacht als mijn krulletjes.
Ineens doet mijn buikje raar. Want ik zie Teije. Hij ligt op de grond, vlakbij de stenen schapen. En hij lacht de hele tijd! Naar die andere schaapjes. En weet je wat zo naar is? Die gekke harde stenen schapen lachen helemaal niet terug. Ze doen net of blije Teije er niet is. En als ik heel goed luister, hoor ik dat ze zachtjes naar elkaar blaten. Maar tegen hem zeggen ze helemaal niets. Dat is toch niet lief? Waarom doen ze dat nou?

Wauw, wat gebeurt er? Plotseling vlieg ik door de lucht.
‘Hé Japie, jij moet ook in de kerststal, hoor!’
Ome Hid legt me vlak bij Teije. Met twee knuistjes grijpt die me stevig vast. ‘Eindelijk, daar ben je, Japie.’ Hij zucht van blijdschap.
Samen kijken we naar de mooie lampjes en voorzichtig ook een beetje naar de grote stenen schapen.
‘Waarom zeggen ze niets tegen je?’ vraag ik heel zachtjes.
‘Ik weet het niet,’ fluistert Teije. ‘Misschien zijn ze verlegen?’
‘Denk je dat? Ik dacht dat ze …’ Snel doe ik mijn bekkie weer dicht.
‘Wat dacht je? Dat ze ons niet leuk vinden?’
Ik haal mijn schapenschoudertjes op. ‘Kweenie.’
‘Hoor hem eens lekker brabbelen,’ zegt de papa, maar hij weet niet dat Teije heel lief de stenen schapen gedag zegt. Heel even is het stil, dan blaten ze allemaal door elkaar.
‘Met jullie in de stal is het feest nog mooier,’ zegt het grootste stenen schaap. ‘En wat een mooie zachte krullen heb jij, Japie.’
Ineens is dat nare gevoel in mijn buikje verdwenen.
‘Fijn hè, Kerst,’ fluister ik en blije Teije trekt me nog dichter tegen zich aan.

dec.2017

Japie

3 gedachten over “SCHAAPJES, TRAANTJES EN KERST”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Auteur van verhalen die verschil maken