Ze is klaar
Er werd me vaak gevraagd wanneer ik eens een ‘echt boek’ ging schrijven. Nonsens, dacht ik dan. Verhalen, kort of lang, zijn kleine universums die soms net zoveel kunnen vertellen als een roman. Ik schreef al 5 échte boeken.
En denk niet dat een roman het echte werk is, het moeilijkere, het betere. Integendeel. Een roman is een jaar hard werken. Verhalenbundels zijn jaren hard werken. Elk verhaal moet in een paar bladzijden waarmaken waar een roman vele pagina’s de tijd voor krijgt. Geen van beiden is makkelijk. Maar het zijn verschillende takken van dezelfde sport. Maar het kriebelde wel een beetje. Blijkbaar hard genoeg.
Voordat ik aan de roman begon, schreef ik mijn personages eerst vrij, weet ik nu. Elk hoofdpersonage kreeg zijn eigen verhaal, zijn eigen perspectief. Zo wist ik wie ze waren voordat ik ze liet bewegen in het grotere geheel.
Zo verscheen Hakken in het zand lang geleden al in de bundel Kiezels. In dit verhaal ziet een man een stel en vraagt zich af wanneer hij is gestopt zo naar zijn eigen vrouw te kijken.
In de verhalenbundel Pandora staan er veel meer. Tussen de regels gaat over een vrouw die alles gladstrijkt, zelfs de leugens van haar man. In het verdrietige Smeltwater vertellen twee geliefden dezelfde geschiedenis, maar een compleet ander verhaal. De vrouw in het gepassioneerde Als motten om een vlam verkiest zijn geweten boven haar gevoelens. Net zoals in het aangrijpende Tot de maan, waarin mijn hoofdpersoon zich realiseert dat zijn mooie woorden nooit alleen voor haar bedoeld waren. Haar grote liefde heeft oren naar de zonde, maar hij wil zijn veilige haven niet kwijt.
Mijn verhalen waren karakterstudies, weet ik nu. En is een intense levensgebeurtenis niet de beste manier om iemand te leren kennen voordat je hem of haar een roman in stuurt? Pas na veel schrijven bleek de tijd rijp voor SCHEURVROUW. Want zo heet ze, zonder enige twijfel.
Wie mijn werk kent, weet dat ik sober schrijf. Korte zinnen. Weinig franje. ‘Je schrijft met tanden,’ zei een proeflezer ooit tegen me. Ik kan me daar goed in vinden.
Toch bleek ik, toen ik eindelijk zover was, tot mijn verrassing aan één boek niet genoeg te hebben. Het werd een diptiek, zo heet dat, leerde ik later. Net als schilderijen blijken ook boeken uit twee complementaire delen te kunnen bestaan. Al kan een uitgever er natuurlijk ook voor kiezen om er een lekkere dikke pil met kleine lettertjes van te maken. We gaan het meemaken! Daar ben ik zeker van.
Het is een poos stil geweest hier. Geen nieuwsbrief, geen update.
Het schrijven duurde lang, maar zo werk ik nu eenmaal. Niet snel. Zorgvuldig. Elk hoofdstuk van Scheurvrouw is tientallen keren aangepast voor het stond. Zo gaat dat ook met mijn verhalen, net zo lang tot het klopt. Altijd.
Daarnaast moest ik me het vak van Lexy eigen maken. Ik heb er veel over geleerd en oprechte bewondering voor haar kunst gekregen.
WAAR HET OVER GAAT
Op de dag van haar mans crematie vraagt keramiste Lexy van den Oever haar zoon om iemand te bellen als haar iets overkomt. Met die ene zin legt ze een geheim bloot, en opent zich de vraag die deze roman drijft: hoe betrouwbaar is het verhaal dat een vrouw zichzelf over haar eigen leven vertelt?
Dertig jaar lang noemde Lexy lafheid principe, en zelfverloochening liefde. Pas wanneer ze de scheuren in haar eigen geschiedenis ziet, beseft ze wat het zelfbedrog heeft gekost, en wie daardoor over het hoofd werd gezien.
Scheurvrouw is een psychologische literaire roman van circa 145.000 woorden, verteld in twee boeken van elk drie delen. De titels van die delen volgen de fasen van het keramiekproces waarin Lexy haar beelden maakt. Het eerste boek opent bij Craquelé en vertelt via Klei en Leerhard hoe het begon. Het tweede voert via Droogspanning en Biscuit naar Bladgoud, dat oppakt waar Craquelé eindigde..