Tag archieven: Verhalenbundel

EEN PRESENTJE!

Alle aandacht gaat naar KIEZELS, maar die verschijnt pas over een week.
Kan je niet wachten?
TEGENWICHT is nog steeds leverbaar via o.a. de webwinkel Ambilicious. En als je nu mijn (e)boek besteld, krijg je de mooie verhalenbundel ‘Verhalen van Verlangen’
– met daarin ook een verhaal van mijn hand – er gratis en voor niets bij!
Hoe leuk is dat?

Twijfel je nog? Lees dan hier alvast het titelverhaal van TEGENWICHT.
Ik wens je veel leesplezier.

VERHALEN VAN VERLANGEN

Voor het tweede jaar organiseerde Marceline de Waard een spannende zomerwedstrijd en publiceerde 13 zondagen achter elkaar een VERHAAL VAN VERLANGEN.

“Gesprekken zijn het leukst als zij gaan over iets dat de spreker niet uitspreekt. In dit verhaal doet Conny Hoogendoorn dit op lichtvoetige wijze met een beladen onderwerp. Ik werd er vrolijk van,” schreef ze over mijn verhaal CONVERSATIE VOOR GEVORDERDEN in het prachtige bundeltje dat vandaag verschijnt.


HEB ‘T HART EENS

Bij een nieuwe bundel hoort ook een beetje terugkijken.
Met Heb ’t hart eens won ik de CALAMI LITERATUURPRIJS. Het is een van mijn favorieten uit TEGENWICHT, mijn eerste verhalenbundel. In haar recensie noemt recensente Connie Flipse mijn verhaal  Roald Dahlwaardig.  Kunnen jullie je voorstellen dat het even duurde voordat mijn hartslag weer een beetje binnen de geldende normen viel?
Vooruitlopend op KIEZELS heb ik dit prijswinnende verhaal op mijn website gezet. Veel leesplezier gewenst. Hebben jullie trouwens al een exemplaar besteld? Ik signeer het met heel veel plezier!

http://connyhoogendoorn.nl/heb-t-hart-eens/

https://www.aquazz.com/KIEZELS-Conny-Hoogendoorn

KIEZELS (4)

  • 30 verhalen ⁠👌⁠
  • Betrouwbare uitgever ⁠👌⁠
  • Grondige redactie ⁠👌⁠
  • Sympathieke auteursfoto ⁠👌⁠

Mijn digitale mapje KIEZELS was getooid met deze stoere foto. Het handjevol grind combineerde mooi met het lettertype dat we voor de cover hadden uitgekozen. Maar de resolutie was veel te laag en ik ging op zoek naar een nieuwe afbeelding. 

En stuitte op blokjes met daarin prachtig gestileerde kiezels in zachte kleuren. Ik was er weg van. 
‘Ik dacht dat jij knarsende verhalen schreef,’ merkte mijn omgeving op. 
En ook: ‘Ik vond die losse kiezels veel aansprekender.’  De twijfel sloop in mijn hart.
Ik fotografeerde het grind in mijn tuin hier in Frankrijk. Noeste arbeid leverde niet één maar twee aansprekende covers op. 

Goede raad was duur.
Mannen met verstand van zaken vonden het handjevol precies goed en vrouwen met een uitstekende smaak noemde de vierkantjes een ‘niets-meer-aan-doen-gevalletje’. 

En ik? 
Meestal, maar beslist niet altijd, vond ik de vierkantjes het mooiste, maar er ontbrak iets. Wat? Geen idee!
Een week verstreek. Ik sliep er niet meer van, tot plots … 

Eureka! Ik wist het!

Fantastische cover ⁠👌⁠ CHECK!

Mijn uitgever slaakt een zucht en ik zet nog een vinkje.
Hebben jullie dan nog even geduld?
Check!

KIEZELS (3)

Er kwam nog wel wat meer bij kijken…

Mijn auteursfoto dateerde van een stuk of vijf, zes tropenjaren geleden. Was ik dat werkelijk? Dat plaatje kon echt niet meer. 

Druk, druk, druk … ver, ver, ver … duur, duur, duur. Ik liet geen smoesje onbenut om maar niet naar een fotograaf te hoeven. 

Fanatiek spitte ik mijn foto’s door, vroeg vriend en vijand om hulp en stuurde enkele kanshebbers naar een bevriend fotografe, die ze vriendelijk doch onverbiddelijk afkeurde. Moest ik er toch echt aan geloven? 

Welnee. 

Er werd kwistig gepoederkwast, flamboyante shawls op kleur gerangschikt, een fonkelnieuwe deur weer uit zijn kozijn getild, een te fel licht temperend parasolletje versleept en een stoeltje strategisch opgesteld. Toen brak de zon door. 

Zevenenveertig foto’s volgden. En een dag later nog achtenzestig daarbij. Meedogenloos keurde ik er honderdveertien af. Die ene ging in de mail. Steun en toeverlaat Anja Grondman bekeek foto honderdvijftien, sleutelde een pietsie aan de belichting en gaf haar zegen! 

Bleek ik me daar toch met een topfotograaf onder hetzelfde dak te wonen!

KIEZELS (2)

Ik heb de wat ouderwetse overtuiging dat je in een conflict niet per se met modder hoeft te gooien en noemde in mijn vorige update geen namen. Toen ik zei dat ik niet gelukkig was met mijn uitgever, zette ik jullie onbedoeld op het verkeerde been. Ik bedoelde natuurlijk mijn vorige, degene waar ik beslist niet nog een bundel wilde onderbrengen.

Mijn verhalen wilden de wijde wereld in. Ik stortte me op het schrijven van een prikkelende mail en zond mijn geesteskindje naar een paar uitgevers. Na enige tijd lieten twee flinke jongens in uitgeefland me – onafhankelijk van elkaar – weten dat ze bijzonder gecharmeerd van me waren, maar dat ze geen verhalen wilden uitgeven. Ik moest beslist weer contact met ze opnemen als ik een roman zou hebben voltooid.
Natuurlijk voelde ik me hartstikke gevleid, maar ik was er niet gelukkig mee. Die roman is immers nog lang niet af en mijn bundel inmiddels al een poosje. Het schoot niet op zo. Terwijl ik diep nadacht brak de zon door de wolken en weerkaatste de prachtige cover van de bundel van aquaZZ – waarin precies negen jaar geleden mijn allereerste verhaal verscheen – in mijn scherm. Dat kon geen toch geen toeval zijn?

Zonder aarzelen mailde ik zo’n zes weken geleden Angelique Kersten, een bevlogen uitgever die niet te bang is om verhalen uit te geven. Binnen enkele uren waren we het eens. Zij stopte mijn Kiezels in haar vakantiekoffer en ik keek uit naar de redactieronde.
Ik hou van spijkers met koppen, koeien met horens en daden bij woorden. Het voelde goed.

Toch kwam er nog wel wat meer bij kijken.

KIEZELS (1)

Op een dag besloot ik dat ik klaar was. Er was voldoende geschuurd, gepolijst en opgewreven. Een nieuwe verhalenbundel mocht de wijde wereld in. De titel stond vast. Meer niet. 

Maar ik was niet meer zo blij bent met de uitgever van Tegenwicht, mijn eerste boek. Ik moest op zoek. Had ik er wel zin in om voor mijn nieuwe bundel een ander thuis te zoeken? Want dan gaat een onbekende mijn verhalen fileren en is de redactieronde misschien wel niet zo leuk als die zou kunnen zijn. 
Hoeveel verhalen zou ik trouwens kiezen? En moesten ze ongeveer dezelfde lengte hebben of was afwisseling juist wel leuk?

Ik moest ook na gaan denken over hoe de cover eruit zou gaan zien en dacht dat het voor de hand zou liggen. Maar nee …
Wat moest er trouwens op de achterflap komen te staan? Zou ik een paar mensen die ik hoog heb zitten om een aanbeveling kunnen vragen? En wat zetten we onder ‘Over de auteur’? Dat veel van de verhalen een prijs hebben gewonnen? Kan het saaier? Maar wat dan? Wat me eraan deed denken dat die auteursfoto natuurlijk echt niet meer kon. 

‘Wrijving geeft glans,’ zei een wijze vriend. 

Daar vertel ik later meer over.